Vrienden Van Abbemuseum

frank mandersloot

spel met traditie en de essentie van kunst
07/06/2019

Zodra je op de A10 in Amsterdam de afslag Artis neemt rij je bij het Zeeburger Eiland de Piet Hein tunnel naar de binnenstad in. Zodra je daar uitrijdt zie je rechts in de open ruimte tussen autoweg, metrotunnel, roltrappen, treinen, voetgangers en fietsers een viertal enorme op elkaar gestapelde tafels. Soms blijft het verkeerslicht lang genoeg op rood staan om te kunnen ontdekken dat onder het blad van de tweede tafel enkele bijenkasten zijn opgesteld. De maker van deze constructie, die de erenaam folly mag dragen, is frank mandersloot. Hij laat met dit werk direct zien dat de dwaasheid van gestapelde reusachtige tafels uiteindelijk tot een mooi ecologisch unicum in Amsterdam is verheven. De stadsimker verzorgt hier zes bijenvolken. Er zijn acht kasten, dus er is ruimte voor twee noodgevallen. frank mandersloot geeft hier woonmogelijkheid aan dieren die je niet in een druk stadsgedeelte zult verwachten. Het blijkt dat de dierenpopulatie in de stad verrassende vormen aan kan nemen en nuttige bijenvolken zijn zeker niet te versmaden. mandersloot heeft negen jaar aan het kunstwerk Voor de Bijen gewerkt en maakt de bezoeker van de stad duidelijk dat net als de tafels, Amsterdam is gebouwd op palen.

Deze kennismaking met het werk van frank mandersloot is verrassend. Met dit werk laat hij zien dat hij niet als kunstenaar blijft vertoeven in veilige en overzichtelijke kunstregionen. Hij is iemand die met zijn werk nieuwe vergezichten wil openen. En dat doet hij door algemeen gebruikte materialen en voorwerpen een nieuwe functie te geven. Tafels op een van de drukste verkeerspleinen van de hoofdstad, maar ook kleding van dorpen en steden die nog steeds trots hun tradities blijven bewaren, geeft hij een nieuwe en onverwachte functionaliteit.

Het project MARKEN EINDHOVEN (b&w) 2011 – 2019 en MARKEN EINDHOVEN (r&w) 2011 – 2019 laat kleding zien die een speelse dialoog aangaat met de tradities van het Noord-Nederlandse Marken. In de lange gang tussen Het Oog en het museumcafé hangt een lange rij zwart witte gilets, opgehangen aan eenvoudige kleerhangers en een spijker in de muur. Nu levert dat een beeld van herkenning op. Is er in het museumverleden eens een werk gepresenteerd dat hier aan doet denken? Dat klopt. In 1981 ontwierp de Franse kunstenaar Daniel Buren voor het Van Abbemuseum een gilet met streeppatroon dat door de beveiliging in het museum werd gedragen tijdens de tentoonstelling van achttien speciaal voor het museum gemaakte werken die de titel droegen Fragmente einer Rede über die Kunst,   allen in het bekende traditionele markiezendessin, met een streepbreedte van 8,7 cm.

mandersloot zoekt op speelse wijze contact met dit werk van Buren dat een manifest is van de zoektocht naar het wezenlijke van de kunst en hij zoekt tevens contact met de traditionele kleding van Marken, die niet alleen uiterlijk een verrassende overeenkomst met het werk van Daniel Buren laat zien. De traditie schrijft in Marken de kleuren van de kleding voor, want kleur, of het ontbreken daarvan, is al eeuwen functioneel en geeft uiting aan wederwaardigheden van de bewoners.  De zwart-witte kleding wordt namelijk gedragen tijdens een rouwproces als een geliefde is overleden. Deze kleding wordt zeven jaar gedragen en men ziet dat de zwarte strepen in de loop van de tijd hun breedte verliezen en daardoor het rouwproces in de tijd inzichtelijk maakt. De rood-witte kleding draagt men buiten de rouwperiode.

Traditie en de essentie van kunst, twee gegevens die in een installatie met een kledingensemble verrassende inzichten kan opleveren, tenminste voor hem of haar die daarover willen nadenken. Maar het is natuurlijk ook een feestelijk kunstwerk. Vooral de lange rij zwart-wit gestreepte gilets nodigen uit om onze mogelijke obsessie voor mode vanaf nu meer genuanceerd te bekijken..

 

Piet van Bragt