In de Salon: Hans Robertus
Vrienden Van Abbemuseum

In de Salon: Hans Robertus

over design als een nieuw perspectief op mens en maatschappij
18/04/2017

'In uw hoofd bevindt zich iets wat leest. Dat ding, menselijk brein, heeft een aantal vermogens die andere dieren niet hebben. Aan die vermogens is onze dominante positie op de planeet te danken. Andere dieren hebben sterkere spieren en scherpere klauwen, maar wij hebben betere hersenen.'

Met deze uitspraak begint Nick Bostrom zijn boek over superintelligentie. Ik moest hieraan denken toen ik de voordracht van Hans Robertus bijwoonde in de Salon van de Vrienden van het Van Abbemuseum. Hans Robertus hield een referaat over zijn visie op design, zijn visie op het ontwerpproces. Deze keer werd het gezelschap niet verrast met de presentatie van de nieuwste lamp- of stoelontwerpen, maar werd het thema design in een bredere en toekomstige context geplaatst. Het hedendaagse concept van design overstijgt volgens  Robertus het ontwerpen van mooie en functionele dingen. Design ontwikkelt zich nu tot een procesmatige wijze van denken over de relaties van de mens met de toekomstige maatschappij waarin de technologie een  meer dominante rol gaat spelen. Ergens in zijn verhaal verwijst hij ook naar het werk en de gedachten van de Amerikaanse futurist Ray Kurzweil, die betoogt dat het ogenblik van de singulariteit nabij is, het moment dat de organische mens en kunstmatige intelligentie tot een symbiose komen met grote gevolgen voor onze intellectuele capaciteiten. Robertus signaleerde dan ook dat vanuit zijn professie gezien Eindhoven in dit proces een grote rol kan spelen. Eindhoven heeft als stad van innovatie de middelen om een voortrekkersrol te spelen. Daarbij plaatste hij wel de kanttekening dat voor sommige beleidsmakers deze processen soms te snel gaan en voor hen nog te complex zijn. Instituten, zoals World Design Forum, waaraan hij verbonden is, willen deze impasse doorbreken door hun procesmatige wijze van denken over mens, maatschappij en technologie ook in de politiek te laten landen. Ook wees hij in zijn verhaal op de denkwijze van Yuval Noah Harari in het boek Homo Deus, waarin een maatschappij geschetst wordt waarin het begrip data centraal staat en waarin het principe van ons geaccepteerde en individueel gerichte humanisme evolueert tot een humanisme dat gericht is op samenwerkingsvormen. Centraal staat bij hem de volgende gedachte die het leven een volkomen andere betekenis zal geven:

'Maar op het moment dat biologen tot de slotsom kwamen dat organismen algoritmen zijn, ontmantelden ze de barrière tussen het organische en het anorganische, waarmee ze de computerrevolutie van een zuiver mechanische kwestie tot een biologische ommekeer maakten en de soevereiniteit van individuele mensen overhevelden naar netwerken van algoritmen." (pag. 355)

Kortom, een avond met een uitdagend thema!

Hans Robertus is lid van het bestuur van het Louis Kalff instituut. Robertus wilde aanvankelijk niet bij Philips werken, maar kwam daar toch terecht.  Hij was bij Philips ondermeer betrokken bij het activeren van allerlei slapende patenten en dit in samenwerking met een groep andere bedrijven, waaronder ook de Tu/e. Momenteel is hij als partner van de Holland Branding Group verbonden aan het World Design Forum.

1925 ging de ontwerper Louis Kalff bij de reclameafdeling van Philips werken en was hij verantwoordelijk voor de industriële vormgeving van het Philips concern. Robertus verwijst naar hem als een van de grondleggers van design thinking binnen Philips, maar maakt dan duidelijk dat latere ontwikkelingen binnen de designafdeling Louis Kalff mogelijk hogelijk zou hebben verrast.

In zijn verhaal schets Robertus de ontwikkelingsgang van individueel productontwikkeling tot procesmatig denken over ontwerpen, waarin vroege deelname aan samenwerkingsverbanden essentieel wordt. In deze nieuwe context worden designers niet langer alleen aangesproken op hun styling kwaliteiten, maar veel vroeger en nadrukkelijker ingezet vanwege hun creatief vermogen bij het nadenken, inzichtelijk en tastbaar maken van alle stappen binnen vernieuwings- en innovatieprocessen. 

De ideeën van ontwerpers als Raymond Loewy en ook Louis Kalff gaven aanzetten tot deze ontwikkeling. Loewy, die in de USA als een godheid werd vereerd, kennen we voornamelijk door zijn ontwerpen die uitmunten door de gestroomlijnde vorm. Deze styling is in al zijn ontwerpen terug te herkennen

Louis Kalff ontwierp voor Philips het paviljoen voor de Wereldtentoonstelling van 1958 in Brussel, het Poème Electronique. In dit futuristisch vormgegeven gebouw kon de bezoeker kennismaken met een totaalbeleving van geluid en beeld. De bezoeker onderging deze ervaring in een 360 graden 'sound' ervaring. Feitelijk de eerste uiting van iets dat Philips later ambient experience is gaan noemen

Een voor Philips belangrijke industrial designer was de Amerikaan Syd Mead. Hij wist als visual futurist met behulp van eenvoudige grafische middelen als viltstift en penseel zeer futuristische werelden te creëren. De ontwerper Dieter Rams die onder andere voor de firma Braun werkte, stelde zijn Ten Principles for Good Design op. Volgens deze regels zijn goed ontworpen producten vanuit één, paradoxaal klinkende grondgedachte vormgegeven: Een goed ontwerp is zo weinig mogelijk ontworpen. Zijn doel was om het overbodige weg te laten zodat het wezenlijke tevoorschijn komt. Latere ontwerpers als Philippe Starck realiseerden zich gaandeweg dat design andere wegen in slaat en zij lieten het individuele productontwerp steeds meer los. Men ziet dit bij ontwerpen van het bureau Ideo in toenemende mate zichtbaar worden. Transparantie is daar het sleutelbegrip, samen met bereikbaarheid. Al hun processen staan online en worden om niet ter beschikking gesteld, inclusief tools en cursusmateriaal.

In het begin van de jaren '90 doet Stefano Marzano zijn intrede bij Philips. Door hem kantelt het denken over design bij Philips wat men als een belangrijke paradigma shift kan beschouwen. Hij laat het individuele ontwerpproces los en breidt de multidisciplinaire designteams uit met een groot aantal gedragsdeskundigen, zoals antropologen, psychologen en filosofen.

Ook cultuur antropoloog Simon Synek met zijn inspirerende gedachte: Start with Why! geeft het denken over procesmatig design nieuwe impulsen.

Interessant is het High Design Process, Door gebruik te maken van iteratieve processen, dat zijn processen die op herhaling zijn gebaseerd, kan men al lerend kwaliteitsimpulsen toevoegen. Binnen dit systeem is de sociaal culturele aandacht het belangrijke uitgangspunt. Vaardigheden worden multidisciplinair geïntegreerd, waardoor grote complexe en zakelijke uitdagingen tot stand kunnen worden gebracht. Het hele proces is onderzoek- en kennisgedreven.

Dat door deze nieuwe manier van denken over designprocessen nieuwe kansen ontstaan die het leven in de normale dagelijkse wereld een ander aanzien kunnen geven moet duidelijk zijn. Een goed voorbeeld hiervan is Shoplap. Met het idee van Shoplap wordt door middel van technologische innovaties het concept van de normale winkelpraktijk van een volledig nieuwe dimensie voorzien. Techniek maakt het mogelijk dat de bezoeker bij het bekijken van aangeboden objecten een persoonlijke ervaring krijgt aangeboden. De etalage reageert op individuele behoeften en interessen. Helaas was ook dit project op dat moment, we spreken over de jaren direct na de millenniumwisseling, nog geen issue voor het MKB.

In multidisciplinaire ontwerpteams worden mogelijkheden onderzocht die onder andere in de ziekenhuiswereld ingang vinden. Omdat de aandacht niet puur op technische problemen gericht wordt, maar gedragsmatige consequenties een rol spelen, ontstaan nieuwe visies en vormen.  Een mooi voorbeeld is de Kitten Scanner, een schaalmodel van een MRI-scanner, waar kinderen ter voorbereiding op hun eigen scan, een pop in kunnen leggen en vervolgens een kindvriendelijke uitleg krijgen over wat ze zo te gebeuren staat. Niet alleen boezemt de apparatuur hen op die manier minder angst in, maar is ook het gebruik veel efficiënter. Multidisciplinaire teams waarin ook de arts is opgenomen openen het blikveld meer voor zowel arts, als patiënt en familieleden. 

In dit plan is het duidelijk dat als men naar de toekomst kijkt men met open innovatie moet werken. De sociale omgeving moet correleren met de technische omgeving. Bij Probes projecten gaat het niet om het ophalen van reacties op ‘serieuze productvoorstellen’, maar nadrukkelijk om het oproepen van reacties op provocatieve concepten. Een mooi voorbeeld van een jaar of tien geleden is een 3-D printer, waarmee voor ieder individu optimale maaltijden zou kunnen worden geprint. De reacties waren overwegend fel en negatief. Met name het ‘anonieme’ karakter van het concept viel niet goed en men gaf aan juist te willen weten waar het eten vandaan kwam. Daarmee werd de trend van ‘lokale producten’ en ‘eigen teelt’ goed zichtbaar.

Maar ook Home Future en Bio-Digester waarbij alle afvalstoffen gerecycled worden ondervinden uitgesproken reacties vanuit het veld. En wat te denken van Electronic Tatoos! (zie filmpje). De doelstelling van Probes is dan ook betekenisvolle innovaties te ontwikkelen, die het leven van mensen verbetert en waarbij een visie op de toekomst gedragen wordt door inzicht en inspiratie!

In het project Probes denkt men na over hoe de toekomst vorm kan worden gegeven. Organisatie en samenwerkingsvormen zijn essentieel en onmisbaar in het proces. De actualiteit gebiedt te zeggen dat momenteel definitief afscheid wordt genomen van de individuele productontwerper.

De toekomst blijft uitdagen. What if? Wat gebeurt er als een stad zich als een groot bedrijf gaat gedragen? Wordt een Urban Future Lab een nieuwe stap in het proces? Als ook onze levensduur verlengd wordt tot minimaal 150, wat zijn dan de consequenties, wat kunnen we nog verwachten. Spannend en wat een uitdaging!

 

Bekijk hier Electric Tattoo 

Bekijk hier de presentatie