In de Salon: Lisette Almering
Vrienden Van Abbemuseum

In de Salon: Lisette Almering

Lodewijk Schelfhout, een punt in de tijd
18/09/2018

Lisette Almering sprak in de Salon over haar onderzoek naar het werk van Lodewijk Schelfhout, een onderzoek dat resulteerde in een biografie  met daarin een uitgebreid overzicht van zijn oeuvre. De biografie begeleidde een  tentoonstelling die zij over het werk van Schelfhout maakte in het Singer Museum in Laren. In de hier bijgevoegde presentatie kunt u een goed overzicht vinden van het leven, het kunstenaarschap en het werk van Lodewijk Schelfhout. Zij begint haar lezing met de vraag welke plaats Schelfhout verdient in de Nederlandse kunstgeschiedenis. En misschien is dit de plaats om samen met haar mee te denken over mogelijke antwoorden. Het is niet nodig om op deze plaats een uitgebreide samenvatting van de lezing te geven, want de presentatie voorziet daar in ruime mate in.

Een kunstenaar is een punt in de tijd. Met deze opmerking wordt meteen de vraag gesteld hoe een kunstenaar in zijn tijd, in zijn context, bestudeerd kan worden. Is hij bijvoorbeeld de representant van een groep gelijk gestemde kunstenaars, of is hij een individualist waarop de tijd geen grip heeft? Is hij de persoon die een bepaald tijdsgewricht visueel in beeld brengt, of maakt hij wellicht de geest van zijn tijd, de mentaliteit, zichtbaar?  Laten we bij voorbaat stellen dat een kunstenaar deel uitmaakt van de cultuur van zijn tijd. Wil men zijn werk en het geheel van zijn kunstenaarschap duiden, dan kan men onder andere op zoek gaan naar de betekenis die in het werk opgesloten zit. Het moet mogelijk zijn om met behulp van beschikbare kennis en methoden dit te doen. De kunsthistoricus Erwin Panofsky (1892-1986) heeft een driedelige analysemethode ontwikkeld om de basis te leggen bij het onderzoek naar de inhoud van kunstwerken. Met behulp van zijn methode kan kennis geanalyseerd  worden die opgesloten zit in het kunstwerk door allereerst een realistische beschrijving van het werk te maken, dan de symboliek in het werk te herkennen en uiteindelijk met behulp van de culturele kennis, filosofie en religie van die tijd de eigenlijke betekenis van het kunstwerk te doorgronden. Momenteel wordt echter het proces tussen toeschouwer en kunstwerk van meer belang geacht dan de directe inhoudelijke betekenis. In deze procesgang ligt volgens de huidige opvatting de betekenis en de waarde van het werk besloten. Natuurlijk moet men deze persoonlijke interpretatie niet te vrijzinnig toepassen, want de kunstenaar heeft een impliciete betekenis in het werk gelegd. Maar de persoonlijke ervaring die de toeschouwer opdoet moet ook voor de kunstenaar uiteindelijk van even groot belang zijn als de inhoudelijke betekenis.

Lodewijk Schelfhout heeft in de Nederlandse kunstgeschiedenis misschien niet die grootheid die men toekent aan kunstenaars als Piet Mondriaan en Jan Toorop. Toch is het goed te weten dat hij in de kringen van deze kunstenaars geleefd en gewerkt heeft. Ook mede doordat zijn ouders besloten naar Parijs te verhuizen had hij contacten en werd hij geïnspireerd door de grote kunstenaars van zijn tijd: Picasso, Chagall, Juan Gris, Gino Severini, Piet Mondriaan. Allen kunstenaars die als avant-garde de tijd en de wereld een ander gezicht gaven. Misschien mag men in dit verband de volgende metafoor gebruiken. Als de kunstenaar de berg Olympus beklimt ziet hij aan de top de grote goden. Daar onweert het, het bliksemt, het stormt, alom dreigt ondergang en gevaar, maar ook het ultieme. Daar onderzoekt de godheid de uiterste consequentie van zijn denken en handelen. Daar wordt het klimaat gemaakt dat bepalend is voor hen die beneden wonen. Maar niet allen halen natuurlijk de top van de Olympus. Voor weinigen is dat weggelegd. Velen kijken slechts omhoog en een aantal komt halverwege en moet dan berusten in die positie. En misschien zien we daar Schelfhout, op de helling van de berg,  in het aangezicht van de goden. Maar zijn opgang wordt belemmerd door fysieke, artistieke en andere maatschappelijke kwaliteiten. Schelfhout kan niet ontkomen aan de dwang van het dagelijkse leven. Hij wil dat zijn kunst geaccepteerd wordt en hij zet niet de uiterste stap in zijn werk. Zijn vrouw, zijn ouders en in een latere fase van zijn leven de religie, maken het hem niet mogelijk deze laatste stap te zetten. Schelfhout kiest een modus om zijn verhaal te vertellen. Tijd, plaats, cultuur spelen een grote rol. Voor hem is zijn plaats in de geschiedenis niet een echte historische gebeurtenis, maar is het een constructie die steeds door de tijd gevormd wordt en waarin hij als kunstenaar en als mens steeds opnieuw keuzes moet maken.

Globaal ziet men drie perioden in de ontwikkeling van zijn werk. De eerste periode is de tijd waarin hij de beslissing neemt om kunstenaar te worden en een eigen stijl wil ontwikkelen. De tweede periode wordt gekenmerkt door zijn schreden op het pad van het kubisme. Tijdens de derde periode raakt hij onder invloed van het katholicisme en vertoont zijn werk steeds meer een hang naar een symbolistische vertaling van katholieke elementen. Er zijn bij hem relevante vergelijkingsmogelijkheden met de ontwikkelingsgang van Jan Toorop te zien, maar die was in staat om ook in zijn katholieke periode het artistieke niveau constant te houden. Bij Lodewijk Schelfhout mag men soms enkele vraagtekens zetten. Concluderend wil de kritiek stellen dat zijn kubistische periode misschien het meest interessant is geweest.

In 1911 exposeerde Schelfhout twee kubistische werken bij de Moderne Kunstkring. De tentoonstelling bevatte werk van internationaal vooraanstaande avant-gardistische kunstenaars. Jan Toorop sprak bij de opening vol waardering over het werk van Cézanne die met 28 doeken vertegenwoordigd was. Toorop noemde Cézanne de belangrijkste inspiratiebron voor de experimenterende kubistische kunstenaars. Kunstenaars, zei hij, moesten streven naar 'hoogere psychische expressie' en strijden voor de 'overwinning', maar hij benadrukte dat 'heilige rust' noodzakelijk was voor het scheppen van 'waarachtige blijvende kustwerken, welke die hoogere ziele-expressie in zich dragen'.

Kubisten, waaronder Schelfhout, waren diep onder de indruk van de gedachten van de filosoof Bergson die tijd, beweging en intuïtie als essentiële elementen in zijn filosofisch werk neerzet. Kubisten zoals Picasso en Braque reageerden in hun werk hierop, door de beweging van de kunstenaar rond zijn onderwerp centraal te stellen. Andere kubisten, zoals Le Fauconnier, en ook Schelfhout,  concentreerden zich op de beweging van het onderwerp. De filosofische visie van Bergson geeft hun werk leven en dynamiek. Zoals Bergson zelf zegt, "Sub specie durationis", 'in het licht van de duur, wordt alle leven werkelijker. Zelfs de eeuwigheid blijkt geen verstarring, maar 'leven, bewegen te zijn'. Niet slechts het verstand is van de eerste orde om de werkelijkheid te begrijpen, maar, zegt Bergson, het verstand neemt ook deel aan dit proces van begrijpen met zijn intuïtie. Voor kubisten zijn deze uitspraken een geschenk uit de hemel en zijn colleges op de Sorbonne in Parijs werden daarom druk door hen bezocht. Uitspraken van hem als ' Het leven, dat is het bewustzijn dat door de materie trekt, vestigde zijn aandacht óf op zijn eigen beweging óf op de materie waar het doorheen trok.' En laat dat nu juist het fundament van het kubisme zijn!

Het katholicisme, zijn fysieke gezondheid en de invloed van zijn echtgenote lieten Schelfhout een andere weg inslaan. Misschien mag men stellen dat zijn ontwikkeling te vroeg is afgebroken en dat hij niet over de psychische moed en de fysieke gesteldheid  beschikt heeft. Dan had zijn oeuvre zich tot op het laatst tot op een hoger niveau kunnen ontwikkelen. Maar, dat is een persoonlijk vermoeden. Niets is zeker. Ook een kunstenaar wordt gevormd door het culturele klimaat waarin hij leeft en slechts de enkeling is het gegeven daar boven uit te stijgen. Toch weer de goden op de berg Olympus?

Piet van Bragt

Lodewijk Schelfhout presentatie

De biografie van Lodewijk Schelfhout is verkrijgbaar in de boekhandel en in de Museumwinkel van het Van Abbemuseum:
L.M. Almering-Strik, Lodewijk Schelfhout, Nederlands eerste kubist. Uitg. Waanders, Zwolle
prijs E 29,95
ISBN 9789462621602