In de salon: Wladimir Manshanden
Wladimir Manshanden
Vrienden Van Abbemuseum

In de salon: Wladimir Manshanden

van graffiti naar de poëzie van de stad
25/06/2019

Soms wordt in de Salon een zijsprongetje naar gebieden gemaakt  waarvan het niet altijd meteen duidelijk is of het thema wel echt iets  met kunst te maken heeft.  Wij zijn geen applausmachine, maar willen graag kritische geluiden horen en eventuele zijpaden bewandelen. Dat past bij het onderhavige museum en kunst wordt dan levendiger en staat ineens dichter bij het individu.  Kunst is niet alleen volgens de dichter Willem Kloos de aller-individueelste expressie van de aller-individueelste emotie, maar kunst is voor ons een maatschappelijk actieve en motiverende kracht.  We zien in het stedelijke milieu overal kunstuitingen om ons heen. Vooral vanaf het begin van de jaren tachtig verschijnen ongevraagd beelden en opschriften op muren binnen ons stedelijk blikveld. Jongeren wilden hiermee in navolging van trends die overwaaien uit Amerika,  allereerst laten zien dat zij in dit leeggebied aanwezig zijn en dat met een  eigen teken zichtbaar maken. De tag, de handtekening om je areaal te markeren is geboren. De eigen naam, eventueel verstopt in een kunstzinnige vorm, of in een snelle haal met verf langs de muur,  maakt duidelijk in wiens gebied je bent. De naam graffiti is Italiaans van origine en betekent  als men de term vertaald ‘ingekraste tekeningen’. De naam is al oud. Vanaf de jongste dag worden al namen en tekens gegrift in muren en bomen.  Want, wie kent niet de tekst ‘Kilroy was here’.

Wladimir Manshanden bevindt zich al 50 jaar in deze wereld van tags, pieces en  murals, maar geeft daar een eigen vorm aan. Voor hem was het in de loop der jaren een moeilijke maar inspirerende activiteit, vooral omdat veel graffiti wordt gekoppeld aan vandalisme.  Daarbij is het niet altijd eenvoudig om erkenning van de gemeenschap voor hun kunstuitingen te krijgen. Begrippen als mooi en lelijk zijn  erg subjectief.  Voor de graffiti kunstenaars speelt de esthetische kwaliteit natuurlijk een rol, maar ook het avontuur, het illegale van hun actie geeft hen een adrenalinestoot die ze niet kunnen missen. Wladimir vertelt openlijk dat hij meermalen zijn werk als graffiti kunstenaar wilde beëindigend, maar toch steeds door het avontuur werd aangetrokken.  Hij vertelt in zijn lezing over een incident dat voor hem exemplarisch is na een tegel langs de snelweg bij Boxtel te hebben voorzien van de tekst SEAP 40 op een rode achtergrond.

Nu doet hij dit voor de liefde voor de stad waarin hij woont en werkt. Zo startte hij een project om deze liefde uit te dragen door architectuurelementen zoals bruggen te voorzien van poëtische en treffende benamingen.  Onder een viaduct verschijnt een officieel uitziend bord met de naam LICHTSTAD. Waarmee hij wil aangeven dat de bezoeker die deze stad nadert een goed en treffend beeld krijgt van de stedelijke omgeving.  Bij het produceren van deze borden maakt hij gebruik van sjablonen die door hem thuis gemaakt worden en waardoor hij snel namen en teksten op architectuur kan aanbrengen. Sommige namen lijken levensecht. Straatnaamborden zijn niet van echt te onderscheiden. Luc Nilis is zo’n bord en werd voor velen de normale straataanduiding.

Deze stap die hij hierdoor zette is typografisch. Viaducten worden voorzien van namen zoals ‘betonrot’, of ‘lofzang’ en ‘woestenij’.  Het is uniek dat hij voor dit project bij de gemeente subsidie heeft aangevraagd, wat natuurlijk tegengesteld is aan het illegale karakter van graffiti! Daarbij wordt dit naamgevingproject ook een fotografieproject. De gemeente Eindhoven begrijpt dit gelukkig en wilde hem steunen, wat uiteindelijk resulteerde in een boek. 

Fotografie wordt steeds belangrijker voor hem en steeds verschijnen publicaties van zijn hand  die de stad door zijn ogen laat zien.  Daarbij verliet hij ook de wegen van de graffiti en fotografeerde de bomen van de stad, maar ook voorbijrijden treinen met containers die de namen van het bedrijf met zich meevoeren. Subsidie en sponsors bieden hem de mogelijkheid om de boeken gratis weg te geven, waardoor hij zijn werk en de liefde die hij voor de stad heeft zichtbaar kan maken.

Er wacht een publicatie met 500 beelden van de stad Eindhoven. Een project waarmee hij een schets van de stad en zijn mensen wil maken.  En er zijn plannen om een boek te maken over beelden voor en na het schoonmaken. Een memoriaal met namen van de overledenen, een boek over vogels in de stad.

De graffiti kunstenaar beweegt zich in de openbare ruimte en kan zijn aanwezigheid daar in kenbaar maken met zijn schilderingen, maar Wladimir kiest voor ook voor andere wegen om juist die wereld waarin hij woont en leeft zichtbaar te maken in zijn publicaties. Hiermee wordt hij de ‘archivaris van de stad’.

Tekst en beeld, de twee essentiële kenmerken van graffiti worden door hem op een bijzondere manier gebruikt.  Hij laat zien hoe jonge mensen proberen in een leefomgeving hun plek te markeren, en daarbij wil  hij de schoonheid en de poëzie van de stad en zijn bewoners zichtbaar maken.

Wladimir Manshanden, opmerkelijk Eindhovenaar die de liefde voor zijn stad in zich draagt en dat de wereld wil laten zien.

 

Piet van Bragt