Verse trees, verse leaves, verse thoughts
Radically Yours #04
Radically Yours

Verse trees, verse leaves, verse thoughts

Essay
04/06/2012

In 1987 maakt het werk van René Daniëls (Eindhoven, 1950) een belangrijke ontwikkeling door. Eén van zijn bekende geabstraheerde tentoonstellingsruimtes, geschilderd in perspectief, bevat naast de gebruikelijke kleurvlakken een aantal pianoachtige vormen en een kapstokachtige constructie van microfoons. Half verscholen in de coulissen staat een schaduwfiguur. Dit wekt de hoog gespannen verwachting dat hier een optreden plaats zal vinden. Daniëls noemt het werk dan ook De terugkeer van de performance. In datzelfde jaar schildert hij de reeks Lentebloesem, schilderijen met hierop vertakkingen die doen denken aan plattegronden of boomtakken waar langs woorden en zinnen zijn geschreven die verwijzen naar tijden en plaatsen. Ook deze groep schilderijen zou je als een door ontwikkeling van de geabstraheerde ruimtes kunnen zien, van perspectivisch vooraanzicht naar plattegrond. In één van deze werken plaatst hij langs de vertakkingen titels van doeken vanaf zijn academietijd tot het moment van schilderen van het betreffende werk. Beide voorbeelden lijken een apotheose in de ontwikkeling van zijn schilderijen met geabstraheerde ruimtes en als zodanig ook een nieuw begin aan tekondigen. Daniëls is op dat moment een van de meest prominente Nederlandse kunstenaars van zijn generatie en heeft zowel nationaal als internationaal in vele tentoonstellingsruimtes geëxposeerd.

In 1986 krijgt hij zijn eerste grote overzichtstentoonstelling in het Van Abbemuseum. Dat hij vervolgens het jaar erop een nieuwe weg inslaat met voornoemde werken is dus verklaarbaar en dat deze de aanloop zouden zijn naar een volgende ontwikkeling in zijn werk lijkt aannemelijk. Met de status die Daniëls dan heeft als kunstenaar zijn de verwachtingen voor nieuw werk groot en de druk die dat met zich meebrengt om altijd maar weer de lat hoger te leggen en beter te presteren hoog. De vraag wat de terugkeer van de performance in zal houden en waar de vertakkingen in de Lentebloesem schilderijen naartoe zullen groeien en welke vruchten deze zullen dragen blijft onbeantwoord als René Daniëls op kerstavond 1987, 37 jaar oud, wordt getroffen door een hersenbloeding. De gevolgen hiervan zijn een gedeeltelijke verlamming van de rechterkant van zijn lichaam en het verlies van zijn spraakvermogen, waardoor op dat moment de te verwachten ontwikkeling, de nieuwe vertakkingen en vruchten, uitblijven. Na jaren van revalidatie en tekenen in schetsboeken begint Daniëls in 2006 aan een nieuwe reeks doeken. Deze zijn bescheiden van formaat en uitgevoerd met viltstift en spuitbus doordat hij met fysieke beperkingen te kampen heeft: hij moet voortaan met zijn linkerhand werken omdat die nog goed genoeg functioneert om mee te kunnen tekenen, al kost het hem moeite. Dit heeft vanzelfsprekend uiterlijke veranderingen tot gevolg voor het werk, dat voorheen technisch virtuoos was, met rake verfstreken en subtiele transparante kleurlagen. Opvallend is dat Daniëls in zijn recente werk voornamelijk teruggrijpt op dat van voor zijn hersenbloeding, vooral De terugkeer van de performance en Lentebloesem uit 1987, om dit als uitgangspunt te nemen voor nieuwe ideeën.

Zijn beeldtaal van nu heeft cartoonachtige kwaliteiten, terwijl het enigmatische van het vroegere werk door het samen brengen in één doek van verschillende ideeën en betekenissen nog steeds aanwezig is. Het is opmerkelijk dat in elk recent werk een symbool voorkomt dat hij al in 1981 op een klein doek schildert: een grotere planeet met hieraan, verbonden door een directe lijn en een gezamenlijke baan, een kleinere planeet. Op de grotere planeet schrijft hij nu meestal ‘aarde’ en de kleinere planeet lijkt op hemzelf te duiden. Daniëls gebruikt dit symbool tegenwoordig ook als zijn handtekening en schrijft er vaak de letters ‘RD’ – René Daniëls – bij. Dit impliceert dat hij zijn relatie met de wereld duidt als zijnde een toeschouwer van buitenaf, terwijl hij via zijn recente werk opnieuw de relatie met de wereld zoekt door elementen uit zijn vroegere werk te nemen en deze in een nieuwe context te plaatsen. De schaduwfiguur in de coulissen van het schilderij uit 1987 staat vanaf 2006 volledig in beeld, vaak gecombineerd met de bundel microfoons en vergezeld van de woorden ‘The Most Contemporary Picture Show’ of ‘Performance’. Deze woorden zijn naast verwijzingen naar vroegere schilderijen tevens aanwijzingen dat hij – met dezelfde humor van toen – deze begrippen nieuwe inhoud wil geven. Maar de schaduwfiguur bevindt zich wel nog steeds op afstand van de microfoons, waardoor de terugkeer van de performance, de actie van de kunstenaar, aarzelend blijft: de beelden zijn sterk, maar hij lijkt nog zoekende te zijn hoe verder te gaan met zijn werk, hoe hij zich opnieuw zou kunnen verhouden tot de wereld door middel van zijn werk. En hoe hij die afstand tot die wereld zou kunnen verkleinen en hier weer volop in zou kunnen staan.

Even terug naar 1983, als Daniëls – in Helmond en samen met Rob Scholte, Hewald Jongenelis en Roland Sips – een wandschildering over vier muren realiseert onder de titel Dutch Gravity, Hollandse zwaartekracht, waarin ‘gravity’ ook als ‘graffiti’ uitgesproken kan worden. Het met spuitbussen gemaakte werk is dan ook een reactie op de graffiti kunstenaars die in die tijd opkomen. De titel moet wel een woordspeling van Daniëls zijn, omdat hij zich in zijn werk hier vaak van bediende en nu nog steeds. Daniëls heeft in 1981 al eerder wandschilderingen gemaakt voor groepstentoonstellingen in het Apollohuis en De Fabriek in Eindhoven, waarbij hij – vanwege de karakteristieken van dit medium – een directere beeldtaal en een minder gelaagde stijl moest hanteren dan het schilderen met olieverf in felgekleurde, transparante lagen op doek. Die ervaring lijkt hij nu toe te passen op zijn doeken die hij met zijn linkerhand moet maken en ook in de recente wandtekeningen die hij sinds 2010 voor zijn solotentoonstellingen realiseert.

Als we zijn laatste twee wandtekeningen nader bekijken dan zien we dat in de wandtekening voor zijn tentoonstelling in het Reina Sofía in Madrid (2011 –2012) de figuur goeddeels is ingevuld met zwarte spuitverf. Er hangt hem een fles boven het hoofd met hierin verwijzingen naar plaats en tijd, waaronder de geboortedatum van de kunstenaar en de datum van zijn hersenbloeding. Deze figuur is, net als in alle andere recente werken, een rechtopstaande, passieve figuur. Dit is in de wandtekening voor zijn tentoonstelling in het Van Abbemuseum radicaal veranderd. De fles hangt niet langer als een dreiging boven het hoofd van de figuur, maar bevindt zich voor de figuur, als ware het de ruimte tussen zijn twee benen. In de fles staan de namen van steden geschreven waar hij in de jaren tachtig is geweest om zijn werk tentoon te stellen, en die hij voor de opnamen van de recente documentaire opnieuw heeft bezocht. Hij lijkt te willen zeggen dat hij opnieuw in de wereld staat, dat hij deze steden opnieuw zal bewandelen. De meest cruciale verandering ten opzichte van andere recente werken is echter dat de anders zo statische schaduwfiguur voor het eerst een handeling verricht: de persoon bukt zich en raapt een stekker op, vermoedelijk om die in het stopcontact te steken. Boven de tekening staat met grote letters E LEK TRI, van elektriciteit, energie. Achter de figuur cirkel en lang speelplaten dynamisch in het rond. Daniëls’ vragen van de laatste jaren met betrekking tot zijn verhouding tot de wereld en zijn eigen werk van voor 1988 lijken in dit werk een antwoord te vinden. De tekening is helder en trefzeker en de verhouding tussen beeld en taal abstracter dan in het meeste werk van de afgelopen jaren. De positie en inhoud van de fles2, de houding van de figuur, de letters E LEK TRI, de dynamische LPs... alles duidt op actie. De lentebloesem is al weer enige jaren uitgegroeid tot vruchten, maar de kunstenaar lijkt zich met dit werk op te maken voor een nieuwe stap. Tijd voor verse trees, verse leaves, verse thoughts... Het publiek houdt de adem in en kijkt vol spanning toe hoe de figuur de stekker opraapt. Is dit de lang verwachte terugkeer van de performance?

Roland Groenenboom is freelance curator en samensteller van de tentoonstelling René Daniëls: Een tentoonstelling is ook altijd een deel van een groter geheel.